Barst

Links is van mij, rechts van hem. Ik de groene leunstoel, de bank en de televisie, hij de stereo, de eettafel en de printer. Gek eigenlijk hoe het nu pas echt tot me doordringt, nu ik onze spullen zo zie staan. Er is geen onze meer, er is alleen maar van jou of van mij.

‘Pas op!’ Mark manoeuvreert de spiegel tussen de spullen door over het middenpad, een stukje niemandsland tussen hem en mij. Ik probeer snel opzij te gaan, een kerstboomstandaard prikt in mijn knieholte.

De spiegel, onze eerste gezamenlijke aankoop. Toen we de haard met de schouw erboven zagen wisten we het zeker: dit is ons huis. Nog voor de makelaar de sleutel in het slot stak vonden we het al geweldig, de schouw maakte ons verliefd. We hadden elkaar met stralende ogen aangekeken en gedroomd over een knisperende haard en een goed boek. Af en toe zou ik even stoppen met lezen en mijn hoofd op zijn schouder leggen, hij zou mijn haar strelen en me kussen. Op de schouw een grote spiegel die ons geluk reflecteerde.

Bam! Met een klap stoot de spiegel tegen een tafelpoot. ‘Ga dan ook aan de kant trut!’ Lieve woordjes lijken lang geleden.  Stil veeg ik de scherven bij elkaar, scherpe randjes vermijdend. Ik schrik als ik in een grote scherf de weerspiegeling van onze gezichten zie. De scherf is doormidden gebroken, maar de helften zijn nog niet helemaal los. Er loopt een barst tussen hem en mij.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *