Vrij

Hij schildert een huis in een volksbuurt. Afgebladderd grijswit verandert in fris roomwit. Van achter de schutting van het naastgelegen huis hoort hij zingen, zo mooi dat zijn kwast in de lucht blijft hangen. ‘Prachtig’, verzucht hij. ‘Dank u’, antwoordt de vrouw zonder gezicht. Ze heeft een zwaar accent. ‘Is oud liedje over vogel. Hij vliegt door lucht, zo blij dat hij is vrij.’ ‘Net als u?’, vraagt hij. Even is het stil. Dan ziet hij voor het eerst haar ogen, donker en droevig boven de schutting. ‘U maakt huis mooi, ik dacht ik alleen nog zien stuk huis.’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *